Page 5 - SF-GIDS 30
P. 5

5









        Jay ANSON : HET AMITYVILLE MYSTERIE                  Recensent :
        Amsterdam Boek, 1978; 232 blz; BF 367, omslag      Edith Brendall
        Aad Opree; ill.Hans de Cleen; vertal.Parma van
        Loon. Orig. THE AMITYVILLE HORROR, Prentice-Hall Inc.sept.1977-
        maart 1978: 13 herdrukken(!), Book Club Edition 1978, Bantam paperb.
        1978: 2 herdrukken. Goed, we hebben dus te maken met een bestseller
        die intussen verfilmd werd (de fragmenten die we op de BRTI & RTB za­
        gen waren wel veelbelovend), wat wel opvallend is bij een boek dat be­
        gint met de vaststelling dat het géén roman is maar de reportage van
        een aantal 'waar gebeurde bovennatuurlijke verschijnselen' die in 1975
        plaatsgrepen. Het echtpaar Lutz en hun kindje kochten toen een huis
        in Amityville, waarvoor ze zich tot de oren in de schulden staken. Na
        precies 28 dagen ontvluchtten ze dit huis in doodsangst. Via de  media
        werd grote ruchtbaarheid gegeven aan deze zaak, en dit boek beweert
        het faktuele verslag te zijn. Faktueel dan zoals gezien door de familie
        Lutz en hun getrouwe verslaggever Jay Anson. De andere getuigenissen
        zijn niet alleen oppervlakkig en niet ter zake doend, maar zijn soms
        volledig gesteund op 'gevoelens' en 'indrukken'. Wat niet wil zeggen
        dat dit zo'n slecht boek is, het leest vlot en bevat voldoende grieze­
        lige ingrediënten om iedereen tevreden te stellen... tot op zekere
        hoogte. Want Anson kon blijkbaar geen besluit  treffen of hij nu een
        horror-roman zou schrijven of een reportage. De journalistieke benade­
        ring vermengt zich hier zeer slecht met het invoeren van bestudeerde
        shock-elementen. Vooral naar het einde toe.Anson slaagt er wel in de
        beklemmende angstsfeer weer te geven van de bewoners via een procédé
        à la Exorcist, maar daar dit 'faktueel' hoort te zijn wordt ook niets
        verklaard, en blijft alles in het mysterieuze zweven...dan vraagt men
        zich natuurlijk af wat het makabere vervolg van de vervloeking hier
        komt doen, of meer: hoe het dààrmee verder ging. Ik sta absoluut niet
        skeptisch tegenover dit soort verschijnselen, en verg er ook geen ver­
        klaring voor - nu toch nog niet - maar, bestseller of niet, dit boek
        weet niet of het een roman of een reportage wenst te zijn. En een der­
        gelijk zwevend & zoekend geheel bevredigt niemand.


        Isaac ASIMOV :DE GROTE ZON VAN MERCURIUS             Recensent :
        Born Nova-11,1978; 143 blz, BF 170, omsl.Nico       Myriam Syno
        Keulers,vertal.Annelies van Dijk. Orig. LUCKY STARR
        AND THE BIG SUN OF MERCURY (en niet 'Mercurius' zoals in het boek
        staat), Doubleday 1956, onder pseudoniem van Paul French. Herdrukt
        onder de 'Asimov'-naam(embleem,etc) door Signet, N.EL. etc. Ja, Asi­
        mov wist wel waarom hij de reeks onder pseudoniem  schreef. Space
        opera van de traditioneelste soort. Men probeert Mercurius leefbaar
        te maken, maar mysterieuze boosdoeners proberen het project te sabo­
        teren. Misschien ben ik te oud en dient dit boek gelezen te worden
        met de ogen en de levensvizie van een tienjarige. Voor mijn part O.K.
        maar zet het dan liefst op de omslag, volgens de manier waarop het
        boek 'Asimov' in koeien van letters programmeert verwacht men zich
        aan een volwassen SF-boek. Dit is trouwens het derde boek van een reeks
        van zes. Daar Born niet meer bestaat, komt de rest ook niet. Gelukkig.
   1   2   3   4   5   6   7   8   9   10