Page 7 - ER WAS EENS ...
P. 7

IETS OVER SCIENCE FICTION


              EN OVER BETERE SCIENCE FICTION





             De naam “science fiction” dateert van de jaren twintig van de twintigste eeuw, maar
             het genre op zich was toen zeker niet nieuw. Voordien sprak men in Angelsaksische
             landen ondermeer van “scientific romance” en elders van “voyages extraordinaires”
             en andere.

             Het  was de van afkomst  Luxemburgse  maar naar  de V.S.  uitgeweken tijdschriften
             uitgever Hugo Gernsback – die zijn technische publicaties met verhalen verlevendig-
             de en gelet op het succes daarvan in 1926 ook een alleen nog aan sf. verhalen gewijd
             tijdschrift uitbracht -  die het woord “scientifiction” voor het eerst gebruikte, zonder
             er echter een uitgebreide definitie van te bieden.

             Om de inhoud van zijn nieuwe “Amazing Stories” te omschrijven, verwees hij ge-
             woon naar het type verhaal “dat men kende van auteurs als Jules Verne, Edgar Allen
             Poe  en  Herbert  Wells  :  a  charming  romance  intermingled  with  scientific  fact  and
             prophetic vision”.

             Ook in heel wat nog oudere Europese teksten vond men echter al “romances” met
             wetenschappelijke elementen en prognoses - “proto science fiction” zoals men later
             zei - maar met oudere Europese literatuur was Gernsback’s lezerspubliek toen dus
             niet zo vertrouwd.

             Wie zich voor proto science fiction interesseert kan ik (terloops en bij wijze van in-
             leiding) verwijzen naar Raymond Trousson’s “Voyages aux Pays de Nulle Part”, naar
             Pierre Versins’ “Outrepart” en heel wat andere bundels oudere teksten. Of naar die
             teksten zelf, die echt niet meer zo moeilijk meer te googlen zijn.

             Er werden van science fiction in de loop van de jaren vele definities gegeven, die
             zich eerst toespitsten op begrippen als wetenschap en techniek, op anticipatie en ex-
             trapolatie,  maar  mettertijd  geleidelijk  breder  werden. Tenslotte  werd  zelfs  voorge-
             steld “science fiction” te vervangen door “speculative fiction”.

             Een van de eerste definities was die van James Osler Bailey in “Pilgrims through
             Space and Time” (1947) : “A piece of scientific fiction is a narrative of an imaginary
             invention  or  discovery  in  the  natural  sciences  and  consequent  adventures  and
             experiences (..) It must be a scientific discovery – something that the author at least
             rationalizes as possible to science.”

             Andere  definities  vindt  men  in  intussen  klassieke  studiewerken  van  Donald Woll-
   2   3   4   5   6   7   8   9   10   11   12